Het leven in Sierra Leone wordt sterk getekend door geweld. Journalist Marnel Breure kreeg er al binnen de kortste keren mee te maken na haar aankomst om zich er te vestigen eind 2023. Ze beschrijft de couppoging indringend als opening van haar boek, en als lezer vraag je je af: hoe moet dit verder met een titel als Feest in Freetown

Waar velen in het Westen de neiging hebben zich in afschuw om te draaien, gaat Breure juist op zoek naar de bewonderenswaardige veerkracht van de vele Sierraleoners die ze spreekt, hun vermogen plezier te houden in het leven en ze vindt ook zelf nog de liefde. 

Voor houvast bij haar onderneming gaat ze te rade bij een schrijfster: Aminatta Forna. Een essay uit 2022 zette haar aan het denken, schrijft Breure in haar Verantwoording. Hieronder twee passages uit Feest in Freetown, waarin Breure ingaat op wat Forna schreef over trauma. Haar boek is te bestellen via Uitgeverij Jurgen Maas.

Hun leven weer oppakken

Niet iedereen die verschrikkelijke dingen meemaakt, loopt een trauma op. Dat stelt Aminatta Forna, waarschijnlijk de beste auteur die Sierra Leone heeft voortgebracht, in een van haar essays. Forna rekent af met de gedachte dat ernstig lijden gelijkstaat aan trauma. Tijdens de research voor haar boeken, waarin oorlogsgeweld en de nasleep ervan een prominent thema zijn, sprak ze honderden uren met al dan niet getraumatiseerde slachtoffers en hun hulpverleners. Forna was getuige van immens leed, maar zag ook hoe mensen hun leven weer oppakken, verliefd worden, genieten van het gezelschap van familie en vrienden, huizen bouwen en voor hun huisdieren zorgen.
Aminatta Forna omhelst de gedachte dat het mogelijk is om emotionele kwetsbaarheid om te zetten in kracht. De pijn van het lijden moet niet onderschat of ontkend worden, maar mensen zijn eerder geneigd zich tegen die pijn te verzetten dan zich er- aan over te geven. Die neiging tot verzet noemen we veerkracht. Als voorbeeld haalt Forna het geval aan van haar lievelingsneef, die tijdens de burgeroorlog bij een checkpoint abusievelijk voor rebel werd aangezien. De neef ontkwam op het nippertje aan een standrechtelijke executie doordat een van de soldaten in het vuurpeloton hem bleek te kennen. Toen hij het verhaal later aan
een onthutste Forna vertelde, gaf hij er een grappige wending aan. De neef van Forna maakte iets mee wat potentieel traumatiserend was, maar gebruikte humor om zich te verzetten tegen de positie van slachtoffer.
Aan lijden valt niet te ontkomen, betoogt Aminatta Forna, maar het maakt uit of iemand in een omgeving zit die bij tegenslag de ‘waarom ik?’-vraag stelt of deel uitmaakt van een cultuur die zegt ‘het is nu eenmaal zo’. Volgens Forna is men in het Westen dol op het ‘catastrofiseren’ van moeilijke situaties. Dat kan ertoe leiden dat mensen een trauma krijgen aangepraat. Als in brede kring de opvatting leeft dat lijden automatisch tot trauma leidt, dan wordt de kans dat ernstig leed inderdaad als traumatisch wordt ervaren groter en neemt de veerkracht evenredig af.
Forna’s uiteenzetting is een pleidooi om trauma tegen te gaan door het lijdensverhaal in eigen hand te nemen. Wie zeggenschap heeft over het narratief van het persoonlijk drama, kan het opnieuw vertellen, er een onverwachte draai aan geven of een andere betekenis. De schrijfster weet waar ze het over heeft. Aminatta Forna was elf jaar oud toen haar vader in 1975, in opdracht van dictator Siaka Stevens, werd opgehangen wegens landverraad. Ze was erbij toen hij thuis werd opgepakt. In haar eerste boek De duivel danste op het water reconstrueert ze de geschiedenis van haar familie en de omstandigheden die tot de dood van haar vader leidden. ‘Ik nam de controle over mijn eigen verhaal,’ aldus Forna.

[...]

Aminatta Forna ziet in haar essay over het verband tussen lijden en trauma een belangrijk ding over het hoofd: de immense kracht van geloof bij het verwerken van gebeurtenissen die groter zijn dan het menselijk draagvermogen. Sierra Leoners die de razernij van de burgeroorlog overleefden, gieten hun getuigenissen opvallend vaak in de vorm van een wonderverhaal. Mensen ontsnappen op het nippertje aan slachtpartijen en verminkingen door de tussenkomst van een Opperwezen dat diens macht aanwendt om het slachtoffer voor de poorten van de dood en de ondergang weg te slepen. De goddelijke interventie geeft het lijdensverhaal zin en betekenis, waardoor het – hoe zwaar de beproeving ook is geweest – draaglijk wordt en het oorspronkelijke trauma ontstijgt. Het oorlogsdrama verandert van een verhaal van pijn en lijden in een verhaal van bevrijding en verlossing, een verhaal dat door ingrijpen van bovenaf – de ultieme vorm van goddelijke liefde en compassie – een happy end kan krijgen.